Eetbuien door de waakhond in je hoofd

Gepubliceerd op 13 februari 2026 om 13:55

Hoe de amygdala en je brein veiligheid zoeken in eten en afleiding


Misschien herken je dit: zodra het stil wordt, komt de drang om te eten. De rust waar je ergens zo ontzettend behoefte aan hebt, voelt eerder als onrust. 

Onrust die je vervolgens wegeet. 

Dit is iets wat ik bij veel van mijn cliënten zie gebeuren en waar ik zelf ook heel veel last van heb gehad. 

Dit heeft alles te maken met de Amygdala in je brein. Ik noem het ook wel de waakhond.
In deze blog leg ik uit waarom rust en stilte zoveel onrust geeft en eetbuien uitlokt.


🎧 Beluister de podcast HIER

Liever iets luisteren? In deze podcast nemen Nienke Vink (diëtist) en ik (toegepast psycholoog gespecialiseerd in verstoord eetgedrag) je  o.a. mee in op de rol van het brein bij eetdrang: Waarom willen we ongemak zo snel willen verdoven met eten of afleiding?


De waakhond in je brein

In je brein zit, een klein maar ontzettend krachtig gebied: de Amygdala. 

De Amygdala kun je vergelijken met een waakhond, die voortdurend je externe en interne wereld scant op potentieel gevaar: Ben ik veilig? Het is daarmee een heel belangrijk onderdeel van ons overlevingsmechanisme. 

Op het moment dat die waakhond in je brein, iets opmerkt wat mogelijk gevaar of ongemak met zich mee kan brengen. Begint het te blaffen en worden de overlevingsreacties automatisch geactiveerd: vechten, vluchten of bevriezen.

Ook koppelt het emoties aan bepaalde situaties en herinneringen, zodat het reacties op potentieel gevaar en ongemak kan automatiseren. 

Alles wat afwijkt van jouw normaal registreert jouw waakhond als potentieel gevaar, ook al is er niet daadwerkelijk gevaar. Het is meteen alert en klaar om in actie te komen. 

Een heel functioneel en belangrijk gebied in onze hersenen. Maar soms is die waakhond iets te sensitief afgericht.

 

 

Waarom rust zo ongemakkelijk kan voelen


We leven in een wereld waarin snelheid, prikkels en productiviteit de norm zijn. Je brein is eraan gewend geraakt dat iets doen veiliger voelt dan gewoon te zijn. 

En ik denk dat ontzettend veel mensen hier last van hebben. Op het moment dat we even niks te doen hebben, gaat ons brein automatisch op zoek naar afleiding. Dat kan zijn in de vorm van scrollen op je telefoon, nog meer to-do's op je lijstje zetten, poetsen, en....eten.

 

“Zodra ik stilzit, word ik onrustig. Dan ga ik eten, werken of scrollen.”

Zodra we stil staan en geen afleiding hebben, komt er vaak ongemak op:

  • Je zenuwstelsel vraagt om regulatie
  • Emoties en gevoelens krijgen ruimte om naar de oppervlakte te komen
  • Je hoofd krijgt ruimte om te piekeren en scenario's uit te diepen


En de waakhond denk: "hé, dit is niet normaal, hier heb ik geen controle over, dit is ongemakkelijk, ..... WEGWEZEN!"

Eten is een hele makkelijke en snelle manier om die spanning, leegte en ongemak te dempen.
Bovendien geeft het ook een fijn gevoel, omdat er dopamine vrijkomt. 

Elke keer dat jij naar eten grijpt bij eenzelfde situatie (in dit geval rust en stilte) krijgt jouw waakhond de bevestiging dat er inderdaad een gevaarlijke situatie is en dus moet wegvluchten. En zo ontstaat er een patroon dat automatisch ingezet wordt. 

Ik zie dit vaak terug bij cliënten met eetbuien: de eetdrang komt niet alleen door honger of emoties, maar doordat het systeem veiligheid zoekt.


Eten is een snelle, betrouwbare manier om de waakhond gerust te stellen.



Frustratietoleratie opbouwen bij rust

 

Het is heel begrijpelijk dat rust en stilte spannend voelt. Zeker als jouw zenuwstelsel gewend is om constant 'aan' te staan. Je waakhond mag opnieuw leren dat stilte niet gevaarlijk is.

Ik zeg ook vaak tegen mijn cliënten dat het toestaan van rust een vaardigheid is aangeleerd moet worden. Het vervelende daaraan, is dat het in eerste instantie ontzetten ongemakkelijk is. 

'Niks doen' terwijl de waakhond in je hoofd als een gek tekeer gaat, is niet heel chill. 
Maar wel nodig om enerzijds je waakhond opnieuw op te voeden én een eetpatroon te doorbreken. 

Met mijn cliënten oefen ik vaak met het opbouwen van zogenaamde frustratietolerantie, waarbij ik ze stap voor stap help met het leren verdragen van ongemak tot het niet meer ongemakkelijk voelt. 

Bij deze laag gaat het vaak om:

  • leren dat ongemak niet gevaarlijk is

  • veiligheid ervaren in je lichaam

  • jezelf geruststellen zonder eten of afleiding

  • rust opbouwen in kleine, haalbare stukjes

In mijn trajecten werken we vaak met deze laag, naast het leren dragen van emoties en het reguleren van het zenuwstelsel, omdat duurzame verandering bijna nooit alleen mentaal of alleen lichamelijk is.




Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.